|
Anais Kaël -
Tête de Mule
Waar de meeste jonge Franse artiesten allerlei productionele trucs uithalen op hun albums, daar houdt zangeres Anais Kaël het heel simpel op haar tweede album. Piano, gitaar, beetje bas, beetje blazers, heel klein beetje percussie. Haar liedjes lijken daardoor nog het meest op traditionele chansons uit het rijke Franse verleden, qua onderwerpkeus behandelt ze vooral de liefde. Het trage Je m’en bats le coeur is een hoogtepunt. In een iets andere zin geldt dat trouwens ook voor La confession du
vibromasseur. Niet het eerste liedje over een vibrator maar er werd zelden zo teder over gezongen.
Babet
- Piano Monstre
Elizabeth Maistre is ook toe aan haar tweede
solo-album, de violiste/zangeres heeft tevens een indrukwekkende staat van dienst opgebouwd bij
Dionysos. Deze band behoort tot het beste wat Frankrijk aan inventieve rock te bieden heeft. Op haar soloalbums pakt Babet het wat traditioneler aan, met uiteraard veel ruimte voor haar viool. Vocale hulp is er onder meer van haar Dionysos-maatjes en van kolengruisgorgelaar Arthur
Higelin. Met hem zingt ze een mooie ode aan het ruimtehondje
Laika. Dromerige, opgewekte plaat die een beetje ontsiert wordt door twee saaie Engelstalige liedjes.
Poney Express -
Palladium
Poney Express debuteerde twee jaar terug met een countryrockerig album. Op Palladium gaat het roer radicaal om. De cowboyhoeden en mandolines zijn vervangen door kohlpotlood en synthesizers. Met hulp van producer Martin Rushent (die eerder werkte met 80s helden Human League en Altered Images) verwijst Poney Express, dat van een jongen-meisje-duo is uitgebreid tot een kwartet, naar de tijd dat de Muur nog overeind stond in Berlijn, de jongerenwerkloosheid uitzichtloos leek en de neutronenbom ieder moment kon vallen. Beste voorbeeld is
Brest, dat klinkt als Joy Division maar dan aangevoerd door Brigitte
Bardot.
Elodie
Frégé - La fille d’apres-midi
De ravissante roodharige Elodie werd bekend
dankzij een tv-talentenjacht, maar brak door
met haar tweede plaat die ze maakte met
Benjamin Biolay. De superproducer en
-liedjesschrijver is afwezig La fille
d’apres-midi, maar de sensualiteit is
gebleven. Het titelnummer gaat over het meisje
voor erbij, voor gestolen momenten in de
namiddag. Daar gaat eigenlijk het hele album
over, de arrangementen met strijkers, veel
elektrische piano en langs de onderbuik
schurende bas voelen aan als lakens waarin die
de passie van daarnet nog even vasthouden.
Bijzonder mooi L’Impermeable Beige, met
engelenkoren en de smachtende stem van Elodie.
Raphael
- Pacific 231
Raphael, in Nederland een beetje bekend
dankzij het majestueuze Caravane, is na twee
jaar stilte weer terug aan het front. De
teksten bijten, de muziek is een mooie mix van
bluesrock, subtiele electronica en vocale
effecten, maar het lijkt alsof de stembanden
van Raphael de vernieuwingsdrang niet helemaal
hebben kunnen bijbenen. Het klinkt vlak,
uitgeblust. Dat maakt een zwartgallige
observatie van Frankrijk als in Le Patriote
minder krachtig dan je zou wensen.
Bertrand
Belin - Hypernuit
Met zijn kalme dictie, sonore stem en subtiele
tokkelmuziek is Bertrand Belin een muzikale
nazaat van Georges Brassens. Hypernuit is zijn
derde album, en vanwege de donkerbruine sfeer
uitermate geschikt om te draaien bij druilerig
weer en een stevige rode wijn op tafel. Waar
het bij stijlgenoot Bastien Lallemant (luister
ook zeker naar zijn Le Verger!) allemaal doffe
ellende is, ziet Belin nog wel lichtpuntjes,
liefde en lange maandagen die best meevallen.
Muziek voor mensen die niet teveel willen
toegeven aan de herfstdepressie.
Zaz
- Zaz
Is het dat aanstekelijke onomatopee-toetertje?
Is het dat braampje op de stem van Isabelle
Geffroy? Is het de eenvoudig te volgen (voor
Nederlanders met vijf jaar school-Frans)
liedtekst? Het zal de combinatie zijn. Je veux
werd (en wordt) veelvuldig op de Nederlandse
Radio1 en 2 gedraaid en Zaz, de artiestennaam
van Geffroy, kwam met het aangrijpende Port
Coton zelfs voorbij in Mart Smeets'
Avondetappe. Zaz heeft een typische
geschiedenis voor Franse zangeressen;
conservatorium, opgetreden in piano-bars en
cabarets en veel gespeeld op straat. Haar
muziek is geinspireerd door die van Django
Reinhardt, waarmee ze aansluit bij een nieuw
golfje artiesten voor wie dat ook geldt zoals
Thomas Dutronc en Carmen Maria Vega. Zaz
schrijft mooie liedjes als het al aangehaalde
Port Coton en La long de la route, en
uitgelaten swing-nummers als Ni oui ni non.
Met al haar ervaring zal het live ook zeker de
moeite zijn, benieuwd welke Nederlandse zaal
het aandurft om haar te programmeren.
Christophe
Mae - On trace la route
Sinds zijn debuut in 2007 is de in Carpentras
geboren Mae een grote ster in Frankrijk. Hij
komt uit een muzikale familie, heeft een
opvallende stem (klagerig vanuit de keel) en
stopt de nodige tropische invloeden in zijn
muziek (van reggae tot Afrikaanse juju). Op On
trace la route staat de
niks-aan-de-hand-meezinger Dingue, Dingue,
Dingue dat de afgelopen ook veelvuldig te
horen was in Radio Tour de France - het nummer
staat nu zelfs op het repertoire van de
Nederlandse band Alderliefste. Echt zo'n album
waarmee je door het zuiden van Frankrijk wilt
rijden, trommelend op het stuur tijdens Je me
lache en genietend van de zakkende zon tijdens
Rumeur.
Ben
L'Oncle Soul - Ben L'Oncle Soul
Soul laten klinken alsof het vijftig jaar
geleden werd opgenomen in Detroit, dat doen
tegenwoordig wel meer artiesten. Zoals Amy
Winehouse en Sharon Jones. Als je er wat
reggea-invloeden aan toevoegt en in het Frans
zingt, wordt al meer bijzonder. Benjamin
Duterde, net als Zaz geboren in Tours, doet
precies dat op zijn debuut. In de jaren zestig
waren het vooral blanke Fransen die soul
maakten, zoals Nino Ferrer en Severine. Miss
Dominique ging Ben een paar jaar geleden al
voor met Franstalige Motown-achtige soul, al
is die van Oom Ben wel stukken leuker. Op zijn
debuut staan ook een paar Engelstalige nummers
en da's jammer, want die zijn minder
bijzonder. Al geldt dat dan weer niet voor
zijn cover van The White Stripes' 7
Nation Army, een versie waar dj's van de
Nederlandse popzender 3FM heel enthousiast
over zijn. Tegelijkertijd wordt in Nederland
ook het Franstalige Soul Man gedraaid -
hopelijk laat Ben in het vervolg wel zijn
Franse kant prevaleren.
Claire
Diterzi - Rose la rouge
Op eerdere platen verwees Claire Diterzi graag
naar muziek van de Balkan, op deze
conceptplaat ging haar blik wat omhoog, naar
Polen en Duitsland. De rode roos uit de titel
is Rosa Luxemburg, de communistische
theoretica die aan het begin van de vorige
eeuw het proletariaat in Berlijn aanzette tot
revolutie en uiteindelijk werd vermoord. De
plaat hoort bij een theatervoorstelling en in
interviews met Claire las ik dat het gedachtegoed,
of eigenlijk de vrijgevochtenheid van
Luxemburg nog heel erg actueel is. Het
levensverhaal van Rosa is op behoorlijk
moderne muziek gezet, met hiphopbeats en een
Snap!-citaat ('I got the power!'). Diterzi
kiest niet voor de makkelijke weg en dat is te
prijzen, maar net te vaak krijg je het idee
dat het idee beter was dan de uitvoering.
Lafille
- Tout Attaché(é)
Ook Lafille kan een keel opzetten, al zit daar
wat minder volume achter dan bij Katel. Maar
gezuchte woede is ook indrukwekkend. Dit is
het debuut van Lafille (vast niet haar echte
naam) die als invloeden Brigitte Fontaine, PJ
Harvey en Gainsbourg noemt. Een
Engelstalige zijsprongetje is lachwekkend
slecht, maar het lieflijke pianoliedje J'ai
Rencontré Quelqu'un Qui Te Ressemble doet
harten smelten. Tegen het einde wordt de
invloed van Serge Gainsbourg duidelijk
aanwijsbaar, Ceci Est Mon Corps is het beste
nummer dan Jane Birkin nooit opnam.
Katel
- Décorum
Katel heeft weliswaar een countrytriller in de
stem, haar muziek zit vol grootse gebaren,
strijkers en aanzwellende drums. Dat de
theatrale rockers Nosfell een handje helpen is
niet gek (hoor Katel eens gillen in Chant du
Cygne),opmerkelijk is wel het duet met Jeanne
Cherhal. Niet meteen iemand die je associeert
met kohlpotlood en kant, toch klinkt ze samen
met Katel in Chez Escher als Mylene Farmer in
haar beste dagen: hamerende piano,
vrouwenkoren, dreigende strijkers. Alsof je
gevangen zit op zo'n eeuwig
doorlopende trap van M.C. Escher. Dat Katel
ook uit de voeten kan met eenvoudig
ingekleurde melancholie bewijst ze met
Vacante. Hoewel, onder de oppervlakte broeit
het als in een film van David Lynch.
Camelia
Jordana - Camelia Jordana
Zwaar bebrilde Camelia (17) won vorig jaar
niet Nouvelle Star, ze sneuvelde in de halve
finale, maar haar talent bleef niet
onopgemerkt. Voor haar debuut leverden bekende
Franse songschrijvers als Babx, Matieu
Boogaerts en Doriand liedjes aan, die soms net
wat te volwassen klinken voor de tiener. Al
komt het schitterende Lettera, over een
verzengend verlangen naar een geliefde dat zo
op het repertoire van Barbara had kunnen
staan, behoorlijk hard binnen.
Het zelfgeschreven Little Monsters is
het enige Engelse nummer en detoneert
behoorlijk, vanwege de onbeholpen tekst, de
weinig charmante uitspraak en het feit dat het
nummer nauwelijks echt op gang komt. Camelia is een talent, maar moet zich
voorlopig nog even verlaten op de hulptroepen.
Alizée
– Une Enfant Du Siecle
Alizée ziet er weliswaar nog steeds uit alsof
ze 17 is, de op Corsica geboren zangeres
draait al mee sinds begin deze eeuw. Ze is nu
26, moeder van een dochter en toe aan haar
vierde cd (een live-album en compilatie niet
meegerekend).
Daarop wordt (weer) veelvuldig
teruggegrepen naar het typerende, ijle
synthesizergeluid van de jaren 80, Franse toetsenheld Cerrone is een
duidelijke referentie. Single Les Collines
wordt in het Frans en Engels gezongen,
Limelight is volledig Engelstalig. Omdat de
muziek een belangrijkere rol heeft dan de
eenvoudige teksten stoort die afwisseling
niet. Sterker,
het retro-futuristische Limelight (dat qua
sfeer herinneringen oproept aan films als
Blade Runner) is een van de beste nummers. Je
mist echter wel die ene onverbiddelijke hit.
Claudine
Muno & Luna Boots – Noctambul (speciale uitgave)
Romanschrijfster/zangeres Claudine Muno
wisselt op haar tweede album Franse liedjes
met Engelstalige nummers af, en doet gelukkig
ook weer een nummer in haar moerstaal: het
Luxemburgs. Wonderlijk taaltje, alsof een
Vlaming een Limburger iets probeert duidelijk
te maken in een Duits dialect. Je verstaat
het, zonder het te begrijpen. Dat mysterieuze maakt het nummer
Blummen een stuk intrigerender dan in
onderbouw-Engels geschreven nummers als Betty
of I Love You. Muzikaal wisselt Muno, gezegend
met een lief meisjesstemmetje, af
tussen folkpop, jazz en redelijk stevige rock.
Hoewel Richard Thompson een ode krijgt, zijn
het toch vooral The Beatles die hier geëerd
worden. Here Comes the Sun wordt geciteerd in
het sterke Egoïste Triste, terwijl
McCartney’s Blackbird wordt gecovered. Geen
heel bijzonder cover overigens, veel mooier is
de stemmige (Engelstalige) afsluiter Avalanche.
Arthur H - Mystic Rumba
Arthur Higelin, zoon van de roemruchte
Jacques Higelin, maakt al een decennia of
wat platen. De ene keer is zijn muziek heel
jazzy en klein gehouden, de andere keer
vliegen de beats om je oren. Op Mystic Rumba
houdt hij het extreem klein: uitgesmeerd
over twee cd's kijkt hij zittend achter de
piano terug op zijn oeuvre. Deze
ongestekkerde (of ingetoetste, zo u wilt)
sessie is vooral erg sfeervol, rijk
georkestreerde liedjes als Mon Dernière
Nuit à New York City blijven ook gestript
gewoon overeind. Toch is twee albums een
hele zit en je mist de afwisseling van
stijlen die eerdere albums van Arthur zo
genietbaar maakten. Een strengere selectie,
wellicht een duet, had Mystic Rumba net wat
sterker gemaakt.
Judith Godrèche - Toutes les filles
pleurent
Niemand kan actrice Judith Godrèche
verwijten dat ze geen ambitie heeft: na een
fors aantal films, onder meer Man in the
Iron Mask en L'auberge espagnole, schreef ze
het script voor de film Toutes les Filles
Pleurent, regisseerde 'm vervolgens, speelde
de hoofdrol van onzekere zangeres, zong zelf
in de film en vroeg ook nog eens bevriende
songschrijvers om liedjes te schrijven die
op de film waren gebaseerd. Die ze zelf
opnam, nou ja, eentje zingt haar zoon Noé.
Benjamin Biolay, Mary Gauthier, Bonnie
Prince Billy en Piers Faccini zijn enkele
van de dame en heren die Godrèche van
materiaal voorzagen. De Franstalige liedjes
zijn erg goed, de Engelstalige vallen soms
wat tegen. Het geaffecteerde Engels van
Judith (denk Charlotte Gainsbourg) helpt ook
niet altijd. Maar het hartbrekend mooie duet
Farewell (met Faccini) is 24 karaats.
Francoise Hardy - La pluie sans
parapluie
Net als Godrèche vroeg ook grande dame
Hardy aan een flink pak songschrijvers om
liedjes voor haar eerste nieuwe album sinds
2004 (we schuiven duettenplaat Parenthèses
uit 2006 even onder het tapijt), Onder meer
Calogero, Arthur H en Jean-Louis Murat
leverden nummers aan - op een na allemaal in
het Frans. Het titelnummer is geschreven
door Nanette Kurz uit Múnchen, die zelf
muziek maakt als Fouxi. Een weinig bekende
zangeres die een gat in de lucht moet zijn
gesprongen toen ze hoorde dat Hardy haar
liedje wilde coveren. Ze doet dat wat
beheerster dan Fouxi zelf, maar de kwaliteit
van het nummer wordt nog maar eens
onderstreept. Het Engelse liedje (waarin ze
over kerst zingt) werkt niet, de rest is
mooi melancholiek en smaakvol
ingekleurd. En zo hoort het bij Hardy.
Diverse
Artiesten - Gainsbourg
Vie Héroïque
Op 18 maart gaat
in Nederland de film naar het leven van Serge
Gainsbourg in première. In Frankrijk al een
groot succes, niet in de laatste plaats
dankzij de geweldige hoofdrolspeler Eric
Elmosnino die echt in de huid van zijn
personage is gekropen. Op de soundtrack (zowel
in enkele als dubbele editie beschikbaar, de
laatste versie kent meer instrumentale muziek)
staan een paar originals, maar vooral veel
covers. Elmosnino is geen slechte zanger,
Laetitia Casta overtuigt (ook op het scherm)
in haar rol als sexbom Brigitte Bardot.
Bijzonder is het samenbrengen van Boris Vian's
Je bois en Serge's Intoxicated Man, het
laatste lied was hevig geinspireerd op het
eerste. Philip Katerine speelt Vian, maar
blijft toch vooral zichzelf. Niet erg, het
resultaat werkt. Een paar covers zijn wat
slapjes, zoals vaker met soundtracks moet je
er toch vooral de (prachtige) beelden bij
zien.
Diverse
Artiesten - Thelma, Lousie Et Chantal
- Original Soundtrack
Een dikke
knipoog naar de beroemde film met Susan
Sarandon en Geena Davis natuurlijk - in Thelma,
Louise et Chantal gaan drie dames op leeftijd
in een Citroen DS op mannenjacht. Of de snoek
onderaan een ravijn eindigt weet ik niet, de
trailer belooft vooral een romantische
komedie. Hoofdrollen zijn er voor Jane Birkin,
Catherine Jacob en Caroline Cellier die ook
zingend te horen zijn op de soundtrack. De
meeste muziek is geschreven door zuchtmeisje
Keren Ann, die ook een paar covers voor haar
rekening neemt. Zoals met haar voormalige
vriendje Benjamin Biolay (in Hallyday's
L'Idole des jeunes) en Doriand (Hardy's
La Question). Vanessa Paradis en Melanie
Laurent duiken ook nog op. De film heb ik nog
niet gezien, de soundtrack is in ieder geval
heel sterk.
Emmanuelle Seigner - Dingue
Dingue hoort
niet bij een film, het is het eerste soloalbum
van de acterende vrouw van Roman Polanski.
Seigner was al zingend te horen op de
soundtrack van de film Backstage, en met de
rockband Ultra Orange. Dit keer heeft ze de
hulp ingeroepen van Keren Ann en Doriand (zie
ook hierboven), die alle teksten en muziek
schreven. Iggy Pop doet een Franstalig duetje
(vooral koddig), terwijl manlief in de rol van
male chauvinist pig kruipt voor een vrolijk
rondje schelden in het nummer Qui êtes-vous?
Dat natuurlijk geschreven is voordat de
decennia oude zedenzaak van Polanski weer werd
opgerakeld, maar met de kennis van nu is
Seigner die haar man uitscheldt voor smerig
zwijn toch wat wrang. Emmanuelle heeft een
perfecte zuchtmeisjesstem (weinig volume, veel
suggestie) en met dank aan het songschrijvende
duo is er met de liedjes weinig mis.
JP Nataf -
Clair
Wie foto's van
Jean-Philippe Nataf ziet, verwacht vanwege de
volle baard, de donkere zonnebril en de rimpels
wellicht een Franse versie van Tom Waits. Met
veel woest geschreeuw en voddenboermuziek. Clair,
het tweede soloalbum van Nataf (hij zat eerder
in de band Les Innocents) is echter behoorlijk
kalm, zeg maar gerust intiem. Met hier en daar
een effectje, maar voornamelijk stem en gitaar
smeedt JP twaalf prachtige miniatuurtjes, kleine
verhaaltjes over verlangen en verborgen
geschiedenissen. Tour de force is het bijna
negen minuten durende Seul Alone, dat bijzonder
vernuftig is opgebouwd.
Marie Espinosa -
La Demarrante
Jane Birkin had en
heeft vele kwaliteiten, maar loepzuiver en
krachtig zingen horen daar niet bij. Dat zoiets
een behoorlijke carriere als zangeres niet in de
weg heeft gestaan, zal Marie Espinosa wellicht
hebben aangemoedigd. Net als Birkin is ook
Esponisa een actrice (en net als Jane is Marie
niet bang om dat zonder kleding te doen), ze
klinken zelfs vrijwel hetzelfde. La Chanson sans
refrain had bijvoorbeeld zo op een van de
jaren-zeventig platen van Jane kunnen staan. Is
dat erg? Welnee. Daarvoor is het
spottende La Fille Bien Née (over Paris
Hilton-achtigen) weer net te leuk, en het half
in het Portugees gezongen Tant et tant te mooi
weemoedig.
Agnes Jaoui - Dans Mon Pays
Agnes Jaoui
(geboren op het Ile-de-France) is net
als Marie Espinosa een actrice, maar ook actief
als regisseur. En als zangeres dus. Dans mon
pays is haar tweede album, waarop ze boleros,
bossas, fados en flamenco liedjes zingt. Geen
makkelijke genres, maar Jaoui kan het allemaal
aan. De meeste nummers zijn in het Spaans en
Portugees, twee in het Frans, ze zijn
geschreven door onder meer Raul Paz, Chico
Buarque en Mercedes Sosa. Een plaat als een door
de zon geharde, prachtig vormgegeven aardewerken
schaal.
Charlotte
Gainsbourg - I.R.M.
5.55 was twee jaar terug een van de mooiste platen
van het jaar. De opvolger leek in gevaar te komen toen de dochter
van Serge en Jane een waterski-ongeluk kreeg en enkele dagen in
coma lag. Het geschommel op het randje van de dood heeft de
acterende zangeres geïnspireerd tot een nummer over een
MRI-scanner (waarnaar de plaat ook is vernoemd) en contemplatieve momenten over het leven. Beck
(Hansen) produceerde, schreef en
zong mee, zijn stempel is direct hoorbaar zodra de gitaren
overstuurd raken en de beats smerig stampen. Hij overtuigde
Charlotte ook om weer in het Frans te zingen (5.55 was grotendeels
in het Engels, haar debuut uit 1986 volledig en Français), met
bloedstollend resultaat. De cover van Jean Ferland's Le chat du
café des artistes, oorspronkelijk uit 1970, is een
strijkersorgasme dat doet denken aan Serge's artistieke hoogtepunt
Histoire de Melody Nelson. Daaraan wordt wel vaker gerefereerd, en
waarom ook niet?
Soan -
Tant Pis
Het is zelfs de New York Times
opgevallen dat winnaars van zangtalentenjachten in Frankrijk
ook echt wat kunnen, in tegenstelling tot Idols-winnaars in de
rest van de wereld. De Times wijdde een stukje aan Soan, die
toen Nouvelle Star 2009 (zeg maar: Idols) nog moest winnen.
Nog geen half jaar na de finale is het debuut van de zanger,
die altijd kwistig is met kohlpotlood. Zijn helden zijn Brel,
Noir Desir en Gainsbourg, en dat is te horen. Er wordt
hartstochtelijk gedronken, gevreeën en gevloekt op deze
plaat, op voornamelijk akoestische begeleiding (af en toe
wordt de gitaarversterker wat harder gezet). Net als bij
toptalent en ex-winnaar Julien Doré mogen van Soan nog
grootse daden verwacht worden.
Rose
- Les Souvenirs Sous
Ma Frange
Een zuchtmeisje dat het live
helemaal waar maakt is Rose, wier tweede cd een bevestiging is
van haar talent. Optimisme is het sleutelwoord, zowel wat de
zonnige zang betreft als haar liedjes over het leven, de
liefde, familie en, nou ja, optimisme dus. Een plaat voor als
het buiten stortregent, je band lek is, de koelkast leeg en de
kat over het tapijt heeft gekotst.
Benjamin
Biolay – La Superbe
Een
arrogante plaattitel? Nee, de vlag dekt de lading uitstekend. Dit
dubbel-album van de alleskunner (liedjesschrijver, acteur, vader,
producer, muzikant) is het hoogtepunt in zijn toch al niet
misselijke muzikale carriere. Gevarieerd (van synthrock tot
rokerige jazz) maar bijeengehouden door die fraaie omfloerste
stem. Hoogtepunten zijn de ode aan Buenos Aires, met reggaebeat,
metalbreak en tangosample. En het heel erg naar Gainsbourg
verwijzende, zeven minuten klokkende Jaloux de tout. Superbe, nou
en of!
Kent
– Panorama
Kent Cokenstock is een Franse rockveteraan, die steeds zachtere
muziek is gaan maken. Panorama is geen greatest hits, maar een
veelal akoestische terugblik. Nummers heropnemen – dat ging bij
veel artiesten mis, maar Kent houdt het sfeervol en heeft een
gelukkige hand van gasten kiezen: Barbara Carlotti doet mee,
Suzanne Vega (in het Engels en Frans!) en Dominique A. Het duet
met de laatste is één van de meest ontroerende liedjes van het
jaar. Kent verloochent zijn punkwortels trouwens niet, af en toe
moet er even lawaai worden gemaakt.
Renan
Luce – Le Clan Des Miros
Jonge zanger met oude ziel, die twee jaar terug zeer succesvol
debuteerde met een album vol verhalende liedjes. Le clan des Miros
kent geen opvallende stijlwijzigingen (akoestische, folky muziek
vooral), wel een pak sterke liedjes zoals single La fille de la
bande. Soms zou je wel willen dat zo’n jonge gast zijn jeugdige
energie zou aanspreken in plaats van jagen op authenticiteit. Dan
klinkt Luce net iets te retro.
M -
Mister Mystere
Het flamboyante mag er dan een
beetje vanaf zijn, Mathieu Chedid (kortweg M) kan nog wel
verduiveld goed gitaar spelen, en zijn kopstem blijft bijzonder.
Voor zijn vierde cd (live-albums niet meegerekend) Mister Mystere
werkte de Franse ster samen met Brigitte Fontaine. Een gekke
afslag is M nooit uit de weg gegaan, wat rijke, diverse platen
opleverde. Met een popgevoel, want catchy popliedjes schrijven kan
M heel goed: hij werkte bijvoorbeeld ook mee aan het laatste,
uiterst sterke Vanessa Paradis album. Uitschieters hier zijn
single Roi des Ombres en het titelnummer.
Miossec -
Finisteriens
Christophe Miossec komt uit Brest,
en ook op zijn zevende album laat de ruwe bolster zijn afkomst
gelden. Yann Tiersen, bekend van de Amelie Poulain-soundtrack,
produceerde en speelde mee. Finisteriens is stevige winterkost,
met mismoedige observaties, onbeholpen liefdesverklaringen en dat
typerende pianospel van Tiersen. Zo klinkt het chanson anno 2009.
Mickey [3D] - La Grande Evasion
Mickael Furnon brak enkele
jaren geleden door in Frankrijk met een ode aan de Nederlandse
voetballer Johnny Rep, die onder meer voor St. Etienne en Bastia
speelde. Op het nieuwe album worden opnieuw voetballer bezongen,
maar dan wel miesjes die in Canada achter een bal aanhollen. En
dat met meer plezier lijken te doen dan Europese sterren. Furnon
schrijft aanstekelijke liedjes die soms traditioneel, dan weer
modern worden ingekleurd. Hij kijkt, filosfeert en fantaseert, en
scoort altijd.
Mélanie
Pain - My Name
Nouvelle Vague is een succesvol project waaraan veel zangeressen
meewerkten, maar soloplaten van diezelfde zangeressen worden gek
genoeg veel minder goed opgepikt. Terwijl albums van bijvoorbeeld
Marina Celeste, of nu Mélanie Pain helemaal niet slecht zijn. My
Name kent zowel Engelstalige als Franse liedjes, en net als op de
laatste NV-plaat hebben de liedjes een grote hoed op en
bestofte laarzen aan. Little Cowboy heet een van de lieve
liedjes veelzeggend. De stem van Mélanie ruikt naar rijpe perziken,
haar liedjes waaien als een lentebriesje langs je trommelvliezen.
Mooiste nummer is het duet met Julien Doré, de aangrijpende ballade
Helsinki.
Peppermoon - Nos Ballades
Het Parijse trio Peppermoon speelde al enkele malen in Nederland, je
zou zelfs kunnen zeggen dat ze (mede dankzij De wereld draait door)
hier even bekender waren dan in het thuisland. Inmiddels weet
Frankrijk ook wie Iris, Benoit en Pierre zijn. Het drietal maakt onthaastende
nummers met filosofische teksten over het leven, reizen en
relaties, met zorg ingekleurd en helder geproduceerd. Denk Françoise
Hardy (van wie ze Tous les garçons et les filles covereden) en
Vanessa Paradis. Wie Filles Fragiles #1 in huis heeft, kent Les
petits miroirs al. Op dit met zorg vormgegeven debuut staan meer van
dit soort fijnzinnige liedjes, zoals Après l'Orage en Barcelone.
Een bandje om te koesteren.
Diverse artiesten - Gainsnord
Ja, alweer een cd die uw muziekman heeft samengesteld. Dit keer met
covers van Serge Gainsbourg, gezongen door Nederlandse en Belgische
artiesten. Waarom? Omdat het dit jaar 40 jaar geleden is dat Je
t'aime... moi non plus een hit was in Holland. De ultieme
hijghit is eigenlijk het enige nummer wat we in de lage landen echt
kennen, terwijl er zoveel meer is. Gainsbourg was een roker, een
drinker, een onaangepaste hork, een poeet, een woordkunstenaar, een
bijzonder denker. Al zijn karaktereigenschappen komen op deze
compilatie aan bod, om te laten horen hoe goed, divers en knettergek
Serge's erfenis is. In de laatste categorie valt bijvoorbeeld Lilli
Mono's Japanse (?) versie van Comment te dire adieu, terwijl het
bloedstollend mooie Les amours perdues wordt gezongen door Janne
Schra (van Room Eleven). Ook aanwezig: Eddy de Clercq (een heerlijke
hijgversie van Sea, Sex and Sun), Leine (ruig rockend in Ford
Mustang) en natuurlijk Je t'aime, hier instrumentaal over
gedaan door West Hell 5. Want hijgen als Serge en Jane, dat doet
niemand ze na.
Amandine
Bourgeois – 20 M2
Als
in Frankrijk een artiest een talentenjacht wint, dan is het vaak ook
echt een talent. Amandine Bourgeois won vorig jaar Nouvelle Star (zeg
maar de Franse Idols) en debuteert nu met een fris en fruitig album.
Een aantal kanonnen schreef mee aan liedjes, waaronder Ariane Moffatt
en Jeanne Cherhal. Bourgeois houdt het luchtig en folky, met slimme en
pesterige teksten. Niet alles is even sterk, maar het talent is
onmiskenbaar.
Diverse
artiesten – Boris
Vian On n’est pas là pour se fair engueler Boris
Vian mag dan bekend staan als een grootheid, de trompettist, schrijver
en zanger had destijds (de jaren veertig en vijftig) moeite om het
hoofd boven water te houden, en met zijn anti-autoritaire teksten
maakte hij zich ook niet geliefd bij het establishment. Toch is zijn
invloed nog altijd voelbaar, ter gelegenheid van zijn 50ste sterfdag
verscheen een schitterend uitgevoerde dubbel-cd met covers en
‘chansons improbables’, ongepubliceerde teksten die op muziek zijn
gezet. De deelnemerslijst is een soort who’s who van de Franse
popmuziek: Carla Bruni, Jane Birkin, Olivia Ruiz, Katerine, Arthur H,
zelfs actrices als Jeanne Moreau en Juliette Greco werkten mee. Vaak
wordt er gezongen, soms voorgedragen. Het eerste bevalt mij beter, met
de liedjes van Emily Loizeau, Carla Bruni en Daphné als uitschieters.
Nouvelle
Vague –
3 (speciale uitgave)
Aanvankelijk
een briljant concept: zuchtmeisjes zoete bossanova-versies laten
zingen van new wave-klassiekers uit de jaren tachtig. Producers
Olivier Libaux en Marc Collin scoorden er flink mee. Maar aangeland
bij deel 3, tussendoortje Hollywood Mon Amour met filmhits niet
meegerekend, is de sleet duidelijk zichtbaar. Vooruit, echt beroerd
wordt het nergens, maar de verrassing is eraf, zelfs nu enkele helden
van toen (Martin Gore, Terry Hall) meezingen en voor een meer
country-achtige inslag is gekozen. Wel fijn is het opruiend gebleven
Ça Plane Pour Moi, erg mooi is de Magazine-cover Parade.
Diverse artiesten - Madame Aime
Welke mooie Nederlandse actrice zou u nog wel eens willen horen zingen?
Met liedjes van Georgina Verbaan en Katja Schuurman in het achterhoofd
kan ik me voorstellen dat u wat huiverig bent om hierop te antwoorden.
Als Françaises gaan zingen is het resultaat doorgaans een stuk beter,
al zijn acteerkwaliteiten ook hier niet evenredig aan een gouden keel.
Madame Aime is een initiatief van de krant Le Figaro, dertien grote en
minder grote cinema-divas zingen hun favoriete popliedje. Meestal
afkomstig uit de jaren tachtig, zoals Virginie Ledoyen die een
melancholisch randje geeft aan het vrolijke L'Amour a la plage
van Niagara. Mooiste nummer is Michel Bergers
Seras-tu là, aangrijpend èn sexy gezongen door Emmanuelle Béart.
Diverse artiesten - Allo Nino
Canadese zangers en zangeressen buigen zich over de muzikale
nalatenschap van Nino Ferrer, van de hits tot de onbekendere parels.
Zo maakt Marie-Pierre Arthur een hemelse versie van La maison près de
la fontaine, en laat Mara Tremblay Le Sud afbuigen richting Nashville.
Ook prachtig: Catherine Major's smachtend gezongen versie van La Rua
Madureira. Er zijn al eerder Nino Ferrer-tributes gemaakt, maar die
waren over de hele linie eens stuk minder sterk dan deze. En daarna
natuurlijk de originelen nog eens langs laten komen.
Diverse artiesten - Gentils Garçons
Deze compilatie met voornamelijk recente liedjes van jonge Franse
zangers heb ik zelf samengesteld. Excuses voor de eigenpijperij, maar
wie in één klap wil worden bijgepraat over wat er nu in Frankrijk en
Wallonië gebeurt, is hier aan het juiste adres. Aanwezig zijn
Benjamin Biolay, Bensé, Renan Luce, Suarez, Saule en Samir Barris.
Peetvader Serge Gainsbourg staat er ook op, want zijn invloed is nog
altijd zeer groot. Zoals ook te horen is in een Franstalige nummer van
de Britse mompelband Tindersticks. Met twee liedjes over fietsen is
ook een soundtrack voor bij Tour de France-reportages geregeld.
Bensé
– Album
Dit
dromerige debuut van Julien Bensé werd vorig jaar al eens uitgebracht,
maar kreeg een nieuwe hoes en een extra liedje. En een Nederlandse
release. Je zou de voornamelijk akoestisch opererende Bensé de Franse
tegenhanger van Counting Crows kunnen noemen. Hij klinkt zonnig, maar
bezingt de schaduwzijdes. Zuchtmeisje Rose doet mee, in het prachtige
duet Petite. Verrassing: in het Engelstalige bonusnummer klinkt Bensé
ineens als de Nederlandse zanger/liedjesschrijver Lucky Fonz III.
Pascal
Heni –
Retour Au Nom De Jeune Homme
Parijzenaar
Heni heeft als bijnaam Pascal de Bollywood – de acteur werd
twintig jaar geleden gegrepen door de flamboyante Indiase films en
vooral de muziek. Zijn Hindi is accentloos, en ook in India lopen ze weg
met hem. Op dit album stopt hij Oosterse invloeden in zijn
chansons, met opener Elseneur als dikke, kleurrijke hit. Mits hysterisch
gebracht moet dit live een fijne toverbal zijn.
Juliette
Gréco – Je Me Souviens De Tout
Uit
de titel mogen we concluderen dat Alzheimer de 82-jarige Gréco nog
altijd niet te pakken heeft. Aan deze plaat schreef een pak Franse
helden mee, zoals Miossec, Brigitte Fontaine en Olivia Ruiz. De
gelooide stem van de vooral als actrice bekend geworden Gréco is wat de
Engelsen 'an acquired taste' noemen. Wie van Marianne Faithfull houdt,
zal niet schrikken. En in tegenstelling tot eerdere platen, houdt Juul
het dit keer eenvoudig en akoestisch.
Eddy(la)Gooyatsch
– Chaud
Natuurlijk, de muzieksamenstellers van Radio Tour de France zullen
de chansonklassiekers van vier, vijf decennia oud al weer klaar hebben
staan. Maar mag Le Vélo van de knusse tweede cd van Eddy(la)Gooyatsch er s’il
vous plait ook tussen? Dit uitgelaten liedje over de vreugdes en verdrietjes
van een fietser verdient ook buiten Frankrijk aandacht. Niemand minder dan
Richard Virenque zit in de clip!
Polar
– French
Songs
Een Ier met een Zwitserse vader komt, na een paar Engelstalige
platen, onder invloed van Franse rockkanonnen Cali en Miossec. Daar komt dan
uiteindelijk een plaat uit die vooral blanke soul ademt. Assez pour nous
heeft dat typische Motown tempo waar je van gaat dansen in de straat. Wie
zich afvraagt hoe James Morrison in het Frans klinkt, vooral als James
betere liedjes zou schrijven, is bij Polar aan het juist adres.
Sammy
Decoster – Tucumcari
Decoster is geboren in in de Frans-Belgische grensstreek, maar hij
klinkt alsof hij ter wereld kwam in Arizona, achterin een Chevrolet, met de
cowboylaarzen al aan. Johnny Cash, Elvis en wijlen Alain Bashung zijn van
invloed geweest op zijn zwartgerande Americana. Die toch heel Frans blijft,
en niet alleen vanwege de taal waarin Sammy zingt. In een open Peugeot, Cash
hard op de radio, cruisen langs geblakerd industriegebied, dat gevoel.
Claire Denamur - Claire Denamur
De Franse zangeres Claire Denamur woonde in Canada en Amerika, heeft een
Argentijnse moeder en een Nederlandse oma. Dat laatste hoor je niet terug
op haar debuutplaat, de rest wel. Haar tikje hese zang doet soms denken
aan Edith Piaf, dan weer aan 'onze' Janne Schra van Room Eleven. Het ene
moment komt er een dixielandorkest binnenvallen, het andere moment prikt
een traan. Prince Charmant is een prima single, het schalkse Je
me sens nue een hoogtepunt.
Marie Pierre Arthur -
Marie Pierre Arthur
U schrikt niet als
een cd enkel online te bestellen is in Canada, toch? Nederland is namelijk
nog geen prioriteit voor bassiste/zangeres Marie Pierre Arthur, haar
eerste album maakt inmiddels flinke brokken in Quebec. De bijzonder
sfeerrijke muziek, die doet denken aan producties van Daniel Lanois en
Brian Eno, kent veel percussie, intieme zieleroerselen en sensuele zang.
Prijsnummer Entre Nous zorgt voor rode koontjes.
Luciole -
Ombres
In Nederland noemen we het poetry slams, in
Frankrijk heten deelnemers slammeurs. Luciole is een slammeuse, een
dichteres die gelijk rappers de strijd aangaat met collegae via rijmende
zinnen en mooie woorden. Zet er muziek onder en je hebt liedjes. Luciole
praat, zingt en praatzingt als een onbekend gebleven dochter van
Gainsbourg, al zijn Camille en Emilie Simon misschien betere referenties.
Kunst die toch nergens te arty wordt.
Saule
– Western
De band van
Saule heet Les Pleureurs, maar dat wil bepaald niet zeggen dat deze Waal
en zijn kompanen er op dit tweede album een groot tranendal van maken.
Eerder een feestje, waarbij muzikaal gemeanderd wordt langs
dixieland, reggae en Afrikaanse pop, tot intieme kampvuurliedjes. Alles
in het Frans, met die cover van Black's Wonderful Life als uitzondering.
De hoge, krachtige stem van Saule is de verbindende factor,
de zanger maakt de belofte van zijn al even kleurrijke debuut
meer dan waar.
Liben –
Tout Va Disparaitre
Vincent Liben is eigenlijk zanger van de
Engelstalige rockband Mud Flow, maar de Waal laat zich op dit solodebuut
van een gevoeliger kant horen, met veel piano en strijkers. Nou ja,
solodebuut, hij haalt er geregeld zangeres Stephanie Croibien bij.
Een engel met stembanden die eerst door de honing zijn gehaald.
Samen doen ze denken aan grote Franse duo's als Gainsbourg/Birkin en
Hardy/Dutronc. Maar de liedjes zijn fris genoeg om Liben als
nostalgie-act af te doen. Daarmee
doe je parels als 30 Decembre te kort.
La
Grande Sophie – Des Vagues Et
Des Ruisseaux Uiteindelijk worden de hardste rockchicks toch zuchtmeisjes, zo zou je in
een notendop het verloop van de carrière van La Grande Sophie kunnen
samenvatten. Begonnen met stevig gitaargehark, uiteindelijk iets serieuzer
geworden (en daarbij lof ontvangen van Lee Hazlewood, die ooit dubbelzinnige
dingen deed met Nancy Sinatra) en nu, op haar nieuwe album, staan de
Marshall versterkers werkloos aan de kant en heeft Sophie haar meest aaibare
truitjes aangetrokken. Haar mooie ogen vullen zich geregeld met tranen, het
mooist in de afsluitende cover van Barbara's klassieker Dis, quand
reviendras-tu?
Coeur De Pirate
- Coeur De Pirate
Er verscheen dit jaar een groot aantal verpletterend mooi debuten, van zangeressen die uit de hemel gevallen leken. De mooiste was Beatrice Martin, alias Coeur de
Pirate. De nu 19-jarige Martin zette haar tienerfrustraties op muziek, speelde daar piano bij en vlocht er allerhande muzikale details doorheen. Van blanke soul tot chanson, van Tori Amos tot Françoise
Hardy. Dit album is enkel in Canada verkrijgbaar (CdP komt uit Montreal), maar voor mooie dingen moet je nu eenmaal je best doen.
Berry
-
Mademoiselle
Het meisje met de glimlach in haar stem, die ook zomaar ineens met een prachtige, lekker luie plaat op de proppen kwam. Waaraan een hoop talent heeft meegewerkt, waaronder superarrangeur Eumir
Deodato. De kersjes op de gebakjes van Berry zijn de wereldmuziekelementen. Percussie, zang, ritmes, het klinkt allemaal net even exotischer.
Julien
Doré - Ersatz
Wie zei daar dat tv-talentjachten alleen non-valeurs opleverde? Eigenwijze dondersteen Doré (ex-winnaar Nouvelle Star) gooit op zijn debuut een hoop stijlen in de blender, wat een bruisende, komische cocktail oplevert. Hij zong overmoedig dat Carla Bruni zijn vriendin is, die hem prompt uitnodigde voor een duet.
Loane
- Jamais Seule
Ook al een debuut dus, met een folky randje. Loane huppelt naast je, de groene weides door. Samen val je met haar neer onder een grote eikenboom, om stil van elkaar te genieten.
Vincent Delerm
- Quinze Chansons
Hoe slecht een duettenplaat kan zijn, bewijst Charles Aznavour momenteel met zijn
Duos-drama. Vorig jaar sloeg Vincent Delerm de plank volkomen mis met een
collaboratie-project. Gelukkig vertrouwt hij dit keer op zichzelf, zijn instabiele stem en een paar zuchtmeisjes op de achtergrond. Schit-te-rend gearrangeerde popmuziek, zoals te doen gebruikelijk met veel
namedropping. Beste titel dit keer: Un tacle de Patrick Vieira n'est pas un truite en
chocolat.
|